Nieuws

Twee miljoen euro voor voortzetting onderzoeksproject

Hoogleraar Ontwikkelingspsychopathologie Pol van Lier van de Faculteit der Psychologie en Pedagogiek van de Vrije Universiteit Amsterdam krijgt twee miljoen euro uit de European Research Council (ERC). Hij krijgt dit geld voor zijn onderzoek naar de invloed van sociale ervaringen van basisschoolkinderen op stress- en zelfregulatie. Hij gebruikt het geld om de komende vijf jaar onderzoek te doen. De ERC Consolidator Grants worden uitgereikt om wetenschappers te ondersteunen die een onafhankelijk onderzoeksprogramma- en team hebben kunnen samenstellen en bekrachtigen.

Pol van Lier krijgt de Consolidator Grant voor zijn onderzoek naar de invloed van sociale ervaringen van basisschoolkinderen op hun stress- en zelfregulatie. De beurs biedt de mogelijkheid om de komende vijf jaar, samen met promovendi en één postdoc, dit onderzoek verder uit te bouwen.

Sociale ervaringen op de basisschool
Elk jaar gaan ongeveer 190.000 kinderen in Nederland voor het eerst naar de basisschool. De meeste kinderen hebben positieve sociale ervaringen op de basisschool. Echter, ongeveer 15-20% van de kinderen worden afgewezen door leeftijdsgenoten of weleens worden gepest. Van Lier: ”Het is bekend dat afwijzing of gepest worden door medeleerlingen en een slechte relatie met de leerkracht vaak leiden tot gedragsproblemen, emotionele problemen en slechte schoolprestaties. Toch begrijpen we niet goed waarom dit zo is en is het daarom goed dat we nu de tijd hebben voor gedegen onderzoek.”

Verklaring gedrag en prestaties
In dit onderzoek worden kinderen jaarlijks gevolgd over de hele basisschoolperiode (5 – 12 jaar) om te onderzoeken wat de invloed van dagelijkse sociale ervaringen in de basisschool op stress- en zelfregulatie van kinderen is. Daardoor is het mogelijk de invloed van herhaalde negatieve ervaringen in kaart te brengen, maar ook om na te gaan welke positieve ervaringen in de klas de kinderen kunnen beschermen. Op deze wijze kan een verklaring voor hun gedrag en prestaties worden gevonden. Van Lier: “Die kennis helpt bij de inrichting van preventieprogramma’s die rekening houden met de verschillende soorten ervaringen van de kinderen met elkaar én met de leerkracht. Bovendien laat het zien in hoeverre bij interventies rekening gehouden moet worden met veranderingen in genetische processen, sociaal besef en zelfregulatie bij de kinderen die slachtoffer waren van pesten.”

0 Comments